Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
EN

We herinneren vast allemaal nog het risicovolle gedrag in de financiële sector dat tot een economische crisis leidde. Gedragswetenschappers onderzochten het verband tussen risiconemen en leiderschap. Ze tonen dat mensen die risico’s nemen eerder als leider worden gezien en dat risiconemers met name aantrekkelijk worden gevonden als leiders in sterk competitieve situaties. De resultaten zijn nu gepubliceerd in de Journal of Applied Psychology.

Het nemen van risico's kan innovatie en groei stimuleren, maar kan ook verwoestend zijn voor mensen en organisaties. Kijk maar naar de puinhoop die de economische crisis van 2008 achter zich liet. UvA gedragswetenschappers onderzochten in drie experimenten en een veldstudie of het nemen van risico's sociaal-hiërarchische voordelen heeft voor de risiconemers, hoe risiconemen bepaalde kwaliteiten blootlegt en wanneer risiconemers als leiders worden geaccepteerd.

Ze vonden dat mensen risiconemen consequent in verband brengen met leiderschap. Of risiconemers als leider worden geaccepteerd hangt af van de context. De steun voor leiders die ‘ballen’ tonen is met name duidelijk in competitieve situaties.

‘Het lijkt erop dat risico nemen een sociale bonus met zich meebrengt in de vorm van meer macht en aanzien. We weten uit eerder onderzoek dat mensen met meer macht ook bereid zijn meer risico's te nemen, wat wijst op de mogelijkheid van een vicieuze cirkel’, concludeert een van de onderzoekers Gerben van Kleef.

De theorie: dominantie en prestige

Om het verband tussen risiconemen en leiderschap te verklaren, gebruikten de wetenschappers een theoretisch model dat ze in hun experimenten en veldstudie toetsten. Deze gaat er kort gezegd vanuit dat een actor door risiconemen kwaliteiten blootlegt die anders moeilijk waarneembaar zijn, namelijk ‘dominantie’ en ‘prestige’. Door risico te durven nemen laat iemand enerzijds zien dat hij of zij relevante vaardigheden en kennis heeft die mogelijk nuttig zijn voor de groep en daardoor respect afdwingen (prestige). Anderzijds toont de actor dat hij/zij niet terugdeinst voor de mogelijke gevolgen van het risico, wat een zekere mate van kracht en overheersing zichtbaar maakt (dominantie). Prestige en dominantie zijn zo twee belangrijke routes richting macht, invloed en leiderschap.

Een impliciet verband tussen risico en leiderschap

In een eerste experiment werd de associatie tussen risiconemen en leiderschap getest. De wetenschappers vroegen aan deelnemers zo snel mogelijk sets van woorden te koppelen: welke passen het beste bij elkaar? Hieruit bleek dat woorden rond leiderschap, zoals ‘baas’, steeds in verband werden gebracht met woorden rond risicovol gedrag, zoals ‘durf’. Een eerste conclusie was hiermee getrokken: mensen leggen impliciet een positief verband tussen risiconemen en leiderschap.

Liever geen dominante leider

In een vervolg veldstudie tijdens de verkiezingen in Israël in 2019, toetsten Kleef en collega’s dit verband in de praktijk en analyseerden welke kwaliteiten dan beloond werden. Ze legden hiervoor de negen meest plausibele kandidaten langs een schaal om risicovol gedrag te meten. Vervolgens vroegen ze aan de kiezers wat zij van deze kandidaten vonden, op wie ze van plan waren te stemmen en later op wie ze daadwerkelijk hadden gestemd.

Uit deze veldstudie bleek dat politieke kandidaten die meer risico namen als meer prestigieus en meer dominant werden gezien dan kandidaten die minder risico namen en met potentie om een machtige positie te bereiken. Kandidaten die dominant werden gevonden zagen kiezers echter liever niet als hun leider, maar kandidaten die in verband werden gebracht met prestige vonden ze wel hun stem waardig.

Wanneer kiezen mensen wel voor dominante leiders?

Wanneer zouden mensen dan wel voor dominante leiders stemmen? Om deze vraag te beantwoorden werden in twee nieuwe experimenten deelnemers gevraagd kandidaten te selecteren voor leidinggevende functies in coöperatieve of competitieve situaties op basis van hun LinkedIn profiel. Welke kwaliteiten maakten iemand geschikt voor bijvoorbeeld een leiderschapsfunctie in een oliemaatschappij wanneer er moet worden samengewerkt met regeringen in de zoektocht naar alternatieven voor fossiele brandstof (coöperatieve context) versus wanneer er moet worden gestreden met concurrerende bedrijven om de ontginning van een nieuw olieveld (competitieve context)?

In een sterk competitieve context gedijen dominante risiconemers dus goed

Ook uit deze experimenten bleek dat risicovol gedrag een combinatie van dominantie en prestige zichtbaar maakte. Voor de coöperatieve situaties werden dominante kandidaten wederom niet als geschikte leiders gezien, maar voor de competitieve juist wel. ‘In een sterk competitieve context gedijen dominante risiconemers dus goed’, concluderen de onderzoekers.

Beter herkennen en duiden

Na de economische crisis in 2008 leek er even een kentering gaande in de financiële wereld, maar uiteindelijk lijkt er niet veel veranderd qua risiconemen. Blijkbaar is er hardnekkige steun voor risicovol gedrag in sterk competitieve settings. Met de resultaten van dit onderzoek kan dergelijk gedrag beter worden herkend en geduid. ‘Ons onderzoek laat zien wanneer en hoe risiconemers steun krijgen voor leiderschap en helpt de sociale dynamiek van risicovol gedrag in organisaties, politiek en de samenleving als geheel beter te begrijpen, ’ concludeert van Kleef.

In vervolgonderzoek willen van Kleef en collega’s gaan kijken of het uitmaakt hoe risicovol gedrag uitpakt: ‘is het succesvol of niet, en voor wie dan?’

Publicatiedetails

Gerben A. van Kleef, Marc W. Heerdink, Arik Cheshin, Eftychia Stamkou, Florian Wanders, Lukas F. Koning, Xia Fang, Oriane A. M. Georgeac (2020), ‘No Guts, No Glory? How Risk-taking Shapes Dominance, Prestige, and Leadership Endorsement’, In: Journal of Applied Psychology